Het Westerkwartiertje | Nee, ik heb geen plan B

WESTERKWARTIER Grootegast, Leek, Marum. Zuidhorn en drie dorpen in de voormalige gemeente Ezinge vormen sinds januari de gemeente Westerkwartier. Deze krant volgt de herindeling op de voet. Deze week: gedeputeerde Henk Staghouwer (57) uit Briltil die lijsttrekker is namens de ChristenUnie bij de statenverkiezingen.

U bent zes jaar gedeputeerde, Wat hebt u bereikt voor het Westerkwartier?

„Ik ben heel blij met de gebiedscoöperatie die hier tot stand is gekomen die ik heb kunnen stimuleren. De initiatiefnemers werken hier enthousiast aan. Ook ben ik trots op de waterberging die tot stand komt in het Zuidelijk Westerkwartier. Na aanvankelijk verzet is er nu een groeiend draagvlak voor dit plan.''

Staat het Westerkwartier bij u op de stoep van het provinciehuis?

„De mensen in deze regio zijn heel zelfbewust. Het organisatievermogen dat ik hier tegenkom is, nergens zo groot. Neem de voormalige gemeente Marum. Daar zijn wel veertig verenigingen actief die liefst hun eigen broek ophouden. In dat opzicht doet het Westerkwartier zichzelf soms te kort. De Westerkwartiers zouden best wat vaker de hulp van provincie en gemeente mogen inroepen.''

Hoe vindt u dat de herindeling tot nu toe is uitgepakt in het Westerkwartier?

„'t Is mooi om te zien wat er bestuurlijk nu al is bereikt. Het is voor burgers nog te vroeg om nu al conclusies te trekken. Maar ik juich het toe dat er nu een aanspreekpunt is. Burgers kunnen sneller en doeltreffender zaken doen met de gemeente.''

Bent u als provincie bereid taken af te stoten aan de robuustere fusiegemeenten?

„Als burgers beter geholpen kunnen worden door de gemeente dan de provincie vind ik dat wij als provincie hiertoe bereid moeten zijn en die discussie moeten aangaan. Hiervoor is het nu nog wat te vroeg. De fusiegemeenten hebben eerst tijd nodig om zichzelf uit te vinden.''

U gaat voor prolongatie van het gedeputeerde-schap. Maar wat doet u als de CU na de verkiezingen in de oppositie belandt?

„Ik ga een korte periode fractievoorzitter zijn. Maar de volledige periode van vijf jaar ga ik in dat geval niet uitdienen. Ik wil de fractie niet voor de voeten lopen. Als gedeputeerde heb ik informatievoorsprong. Dat maakt het lastig om na zes jaar optimaal te functioneren in een controlerend orgaan als de staten.''

Riekt dat niet enigszins naar kiezersbedrog?

„Kiezers stemmen CU vanwege onze uitgangspunten en niet zozeer vanwege de poppetjes. Dat is ook de reden dat mijn beeltenis niet prijkt op onze verkiezingsposter. Op de cover van de glossy die wij uitbrengen, sta ik wel. Maar heel bewust samen met twee mede-kandidaten op de lijst.''

Wat gaat u doen als u niet opnieuw gedeputeerde wordt?

„Ik ga voor het gedeputeerde-schap. Ik heb geen plan B.''

Misschien de vaste burgemeester in uw eigen geliefde Westerkwartier?

„Ik blijf erbij: ik heb geen plan B.

Koos Bijlsma