Coach helpt kinderen slapen

LEEK

Aletta Boonstra (33) uit Leek is sinds kort actief als kinderslaapcoach. Haar inmiddels tweejarig zoontje Finn had moeite met slapen. Moeder Aletta Boonstra verslond in die tijd allerlei boeken over dit thema. Uiteindelijk zocht ze hulp bij een kinderslaapcoach uit Amsterdam. Daar had ze zoveel baat bij dat ze zelf coachingspraktijk Sleepymindz is begonnen. Ze volgde een opleiding uit Amerika en is nog bezig met een Australische studie. Ze is de eerste gecertificeerde kinderslaapcoach in Noord-Nederland.

De eerste vier maanden verliepen bij zoon Finn voorspoedig. ,,Daarna had hij maandenlang moeite met inslapen en werd ‘s nachts regelmatig wakker. Al om half vijf ‘s morgens was hij wakker’’, vertelt Aletta. Haar coach legde haar uit dat een ouder er niet verstandig aan doet onmiddellijk in actie te komen als het kind huilend wakker wordt. ,,Ouders halen echt van alles uit om hun kind te sussen waardoor het weer in slaap valt.’ Dat gaat soms heel ver. Ze wiegen het kind twee uren of gaan rondjes rijden met de kinderwagen. Het komt zelfs voor dat ouders met hun kind in de auto stappen om rondjes te rijden”, zegt Aletta.

„Al die manieren zijn onverstandig. Als papa of mama bij het minste of geringste bij hen aan bed komen om te sussen, een speen aan te leggen of het kind in hun armen in slaap te laten vallen, raakt het hieraan gewend. Dat leidt tot ongezonde slaapassociaties. Wat ouders beter kunnen doen, is het kind leren zelfstandig te gaan slapen. Stap er niet meteen op af als je kind huilt of even wakker is. Wacht minimaal een minuut of die à vier, mits het kind oud genoeg, is om te kijken of het zelf de slaap hervat”, is zij van mening.

Kinderslaapcoaches werken met meerdere methodes. Zelf paste Boonstra de zogenoemde Shuffle-methode toe: ,,Ik heb een matras gelegd naast het bedje van Finn. Daar heb ik zelf twee nachten op geslapen. Als je zo naast je kind ligt en hij wordt wakker, laat je alleen maar merken dat je er bent. Je leert het kind ook om zelf zijn speentje of knuffel te vinden om zo weer in slaap te komen.’’ Na die twee nachten ruilde ze de matras in voor een stoel in de slaapkamer van Finn. ,,Als hij dan weer ging huilen, pakte ik hem opnieuw niet uit bed, maar gaf slechts aanwijzingen met mijn stem. Ik troostte hem alleen in zijn bedje als hij extreem verdriet had. Die stoel schoof ik steeds verder weg. Totdat ik uiteindelijk helemaal uit beeld was. Binnen twee tot drie weken sliep mijn kleine mannetje door’’, zegt een blije Aletta. Gesprekken met andere ouders leerden haar dat er een taboe hangt rond het probleem van kinderen die moeite hebben met slapen. ,,Ouders zien het als falen. Ten onrechte denken ouders dat ze de enigen zijn met dit probleem”, meent ze.

Volgens Boonstra bieden artsen en consultatiebureaus te weinig handvatten aan ouders over dit onderwerp. Als coach gaat ze in gesprek met ouders om het probleem in kaart te brengen. De consultants daarna voert ze veelal online uit. Ze combineert dit werk met een normale baan en werkt als als coach op dit moment met vier ouderparen. De coaching werpt volgens haar in vrijwel alle gevallen vruchten op. ,,Als het kind gezond is van lijf en leden is voor ieder kind met een slaapprobleem een oplossing’’, besluit ze.